Nieuws

Door Emiel Stolp – juli 2024

Regelmatig publiceren diverse hooggeleerde heren artikelen over pensioen. Veel ingewikkelde modellen en theoretische beschouwingen.. Maar aan de praktijk wordt doorgaans volledig voorbij gegaan. En dat terwijl veel van die geleerde beschouwingen door de mand vallen als ze met de praktijk geconfronteerd worden.

Op 19 juni 2024 publiceerde ESB een artikel van A. Gerritsen en V. Ziesemer met de titel “Stop met subsidiëren van pensioenvermogen”.

Op dit moment betaal je de pensioenpremie van je bruto loon, maar wordt de pensioenuitkering later als inkomen belast. Dit is de zogenaamde omkeer regel. Gerritsen en Ziesemer stellen nu voor om de pensioenpremie voortaan uit het nettoloon te betalen. De logische consequentie is dan dat de pensioenuitkering voortaan onbelast is.

Wat zijn nu de argumenten die de heren hebben?


Anne Laning blijft discussiëren over het nieuwe pensioenstelsel

Gepubliceerd door Harrie Verbon op juli 9, 2024

Ik heb al eerder vermeld dat Anne Laning een groot voorstander is van het nieuwe pensioenstelsel, vastgelegd in de Wet toekomst pensioen (Wtp). Hij vindt dat de discussies over dat nieuwe stelsel nu moeten ophouden. Wij moeten er met zijn allen achter gaan staan. Het opvallende is dat hij zichzelf wel het recht toekent met die discussie door te gaan. Zo heeft hij recent weer op mij gereageerd. Dan kunnen we natuurlijk nog een tijdje doorgaan, want als Laning suggereert dat ik het pensioenstelsel – oud en nieuw – niet begrijp, moet ik natuurlijk wel weer reageren.


Patrick Fey (CNV) begrijpt het oude (en nieuwe) pensioenstelsel (hopelijk) niet

Gepubliceerd door Harrie Verbon op januari 24, 2024

Patrick Fey is naar eigen zeggen pensioenonderhandelaar van het CNV. Je vraagt je af namens wie hij onderhandeld heeft. Als je namelijk naar het resultaat van zijn ‘onderhandelingen’ kijkt bij het nieuwe pensioenstelsel, zie je dat de leden van het CNV erop achteruit zijn gegaan. In een opiniestuk in dagblad Trouw probeert hij toch uit alle macht het ‘oude’ pensioenstelsel met slecht gekozen kwalificaties af te serveren: “mooi maar krakkemikkig”, “vervallen huis”, enzovoorts.

Wij vragen ons af of hijzelf wel doorheeft dat het onderhandelingsresultaat voor de CNV-leden ondermaats is. Het lijkt er eerder op dat hij misleid is door al die instituties die belang hadden bij het nieuwe pensioenstelsel. Zoals Eduard Bomhoff en ik eerder hebben laten zien, is vooral de Nederlandsche Bank (DNB) de kwade genius achter het nieuwe pensioenstelsel. Het oude pensioenstelsel zou op de rand van een faillissement staan door de lage rente. Daarom was hervorming nodig, aldus DNB. Fey is kennelijk in die argumentatie meegegaan, maar helaas niet op erg goede gronden, zo blijkt uit zijn stuk in Trouw.


Koopkrachtig pensioen is een illusie

Door Emiel Stolp – 05 februari 2024

Het WTP systeem zou volgens minister Carola Schouten een koopkrachtiger pensioen op moeten leveren. Een aantal fondsen hebben ondertussen hun transitie plannen gepubliceerd. Dus kunnen we eens kijken of dat waargemaakt wordt. Maar dat blijkt dus behoorlijk tegen te vallen. De meeste fondsen kiezen voor de gepensioneerden voor nominale stabiliteit boven rendement. Het grootste deel van het vermogen van de gepensioneerden wordt dus in staatsleningen met een laag rendement belegd.  Toch gaat volgens de simulaties iedereen er flink op vooruit. Hoe dit kan ? Daar zijn twee antwoorden op:

  • De buffers uit het huidige stelsel worden éénmalig uitgedeeld. Dat levert op transitiedatum een pensioenverhoging op, maar natuurlijk geen structurele inflatie compensatie.
  • In de dataset van de DNB waarmee de pensioenfondsen hun transitieplan door moeten rekenen worden extreem hoge aandelen rendementen verondersteld bij een lage inflatie. Zo wordt in het zogenaamde mooi weer scenario verondersteld dat het aandelenrendement de komende 40 jaar gemiddeld boven de 10% ligt.  In de 150 jaar bekende geschiedenis van de aandelen index is dat nog nooit voorgekomen.  

Als je uitgaat van historische aandelenrendementen, dan blijkt dat je minstens 50% in aandelen moet beleggen om de inflatie te kunnen volgen. Bij een inflatie van 2% (ECB doelstelling) moet je een rendement van minstens 2% boven de obligatierente halen voor een koopkrachtig pensioen.  Maar dat vind je in de transitie plannen niet terug.

Back testen

Om te zien hoe het werkelijk zal worden kan je ook doorrekenen wat er gebeurd zou zijn als de WTP 5 jaar geleden was ingevoerd. Om te voorkomen dat de pensioenen te veel met de beurskoersen op en neer gaan gebruiken de meeste pensioenfondsen een spreidingsperiode voor het beleggingsrendement. Die spreidingsperioden variëren van 3 tot 10 jaar. Een spreidingsperiode van 10 jaar betekent dat ieder jaar 1/10 van de overdekking gebruikt kan worden voor indexatie. Verder passen vrijwel alle fondsen de zogenaamde ORTEC methode toe om pensioenverlagingen te voorkomen. Als het pensioen eigenlijk verlaagd zou moeten worden, wordt het tijdelijk vanuit de solidariteitsreserve aangevuld.

Op 1 januari 2023 heeft het ABP de pensioenen met 11,96% verhoogd bij een dekkingsgraad van 124%. Bij een 10 jaars spreidingsperiode voor het rendement zou voor deze indexatie een dekkingsgraad van 219,6% nodig zijn geweest. En bij een 3 jaars spreiding nog steeds 135,9%.
Op 1 januari 2024 heeft het ABP met 3,03% geïndexeerd bij een dekkingsgraad van 110%. Onder de WTP zou hiervoor bij 10 jaars spreiding 130,3% dekkingsgraad nodig zijn. En bij 3 jaars spreiding nog steeds 109,1%.  Voor andere fondsen, zoals b.v. Zorg en Welzijn kan je een soortgelijk verhaal houden. Ook die kunnen onder de WTP regeling minder indexeren dan ze nu gedaan hebben.

Voor een indexatie die in de buurt komt van wat met het FTK mogelijk is , moet je dus een zeer korte spreidingsperiode gebruiken. Maar dan krijg je een ander probleem. De ORTEC methode om de nominale uitkering te beschermen werkt als een klikfonds. Bij een te korte spreidingsperiode wordt na een goed beleggingsjaar het pensioen meer verhoogd dan dat er structureel betaald kan worden. In de jaren daarna is het rendement dan te laag zodat er bijgevuld moet worden uit de solidariteitsreserve. Die wordt dan te snel leeg getrokken, waarna de uitkeringen alsnog verlaagd moeten worden.

Het WTP systeem zit dus aan twee kanten klem:  bij een lange spreidingsperiode zijn er extreem hoge dekkingsgraden nodig voordat er voldoende geïndexeerd kan worden. Maar bij een kortere spreidingstermijn worden de pensioenen meer verhoogd dan er werkelijk betaald kan worden. 

De conclusie is duidelijk :

Het WTP systeem gaat geen koopkrachtig pensioen opleveren:

  • Er wordt voor de gepensioneerden te weinig in aandelen belegd om de inflatie te kunnen compenseren.
  • Bij backtesten blijkt dat er onder het WTP systeem aanzienlijk minder indexatie mogelijk is dan onder de FTK regels.
  • Bij de transitie wordt éénmalig een goede indruk gemaakt door de buffers uit te delen, maar daarna werkt het WTP systeem niet meer.

Emiel Stolp
Gepensioneerd pensioenfondsbestuurder


Emiel Stolp – 24 januari 2024

De partij NSC van Peter Omtzigt heeft voorgesteld om de pensioendeelnemers zelf met een referendum te laten beslissen of ze hun pensioen in de nieuwe WTP regeling willen invaren of niet. In een stuk van 17 januari het vakblad Pensioen Pro schrijft pensioenjurist Erik Lutjens dat een referendum over de pensioenregeling in strijd zou zijn met het ILO verdrag dat stelt dat het aan de vakbonden is om afspraken te maken over arbeidsvoorwaarden.

Nu is de toekomstige opbouw van het pensioen een arbeidsvoorwaarde, en het is inderdaad aan de vakbonden om hier afspraken over te maken. Maar voor de bestaande opgebouwde rechten ligt het echt anders. Die opgebouwde rechten zijn een toezegging van het pensioenfonds aan de individuele deelnemer. Daar heeft de vakbond niets meer mee te maken. De opgebouwde rechten vallen onder het eigendomsrecht en zijn geen arbeidsvoorwaarde meer.  Vergelijk het maar met het salaris. Via de CAO gaat de vakbond over loonschalen en collectieve verhogingen. Maar het resultaat van het salaris, namelijk de bankrekening van de werknemer, daar heeft de vakbond natuurlijk niets over te zeggen.

In artikel 20 van de pensioenwet staat ook expliciet dat bij een wijziging van de pensioenovereenkomst, de eerder opgebouwde rechten niet gewijzigd worden.

Volgens artikel 83 van de pensioenwet mag het pensioenfonds een waarde-overdracht naar een nieuwe regeling doen, maar alleen als de deelnemers daarmee instemmen en de toezichthouder DNB geen bezwaar maakt.

Bij het verplaatsen van het pensioenfonds naar het buitenland staat nu ook al in de wet dat de deelnemers, en niet de vakbonden,  hier per referendum mee moeten instemmen.

De pensioenwet gaat er dus ook vanuit dat de bestaande pensioenopbouw geen arbeidsvoorwaarde is die door de sociale partners gewijzigd kan worden. De toekomstige opbouw is dat juist wel.

Er zijn de afgelopen jaren bij bedrijfsovernames regelmatig collectieve waarde-overdrachten geweest. Maar altijd was de regel dat de vakbonden kunnen onderhandelen over de nieuwe regeling en de nieuwe opbouw, maar dat de DNB de overdracht van de opgebouwde rechten moet toetsen en dat de deelnemers daar ook individueel bezwaar tegen kunnen maken. De vakbonden hebben ook nooit eerder zeggenschap geclaimd over de opgebouwde rechten in de bestaande pensioenregeling.

Een referendum over het invaren van bestaande, opgebouwde, rechten in een nieuwe regeling is daarom niet in strijd met het ILO-verdrag.  Een referendum over de regeling voor de nieuwe opbouw zou dat mogelijk wel zijn. Daar is het aan de vakbonden om op hun eigen ledenvergadering steun van de deelnemers te krijgen.

Emiel Stolp
Gepensioneerd pensioenfondsbestuurder


Kwaliteit ‘Wet Toekomst Pensioenen’

Korte samenvatting van aanbevelingen en verbeteringspunten in de voorliggende ‘Wet Toekomst Pensioenen’ (WTP).

J.N. Berkemeijer AAG , 20 februari 2023

A. Pensioendoelstellingen

  1. De WTP regelt een premiestelsel. Daarin spelen nominale pensioenen en indexatie geen wettelijke rol meer.
  2. Toetsen of met een bepaalde pensioenpremie een bepaald pensioenresultaat (b.v. 80% vervangingswaarde in 42 dienstjaren) kan worden behaald, is afhankelijk van subjectieve en discutabele aannames en leidt voor langere perioden tot een waaier aan uitkomsten. Het lange termijn pensioenresultaat is niet objectief eenduidig te bepalen.


VPN: Eerste Kamer maak rechterlijke toets mogelijk in nieuwe pensioenwet

De Vereniging Pensioengerechtigden Notariaat (VPN) pleit in een open brief aan de Eerste Kamer ervoor dat er een rechterlijke toets mogelijk is in de nieuwe pensioenwet

Afgelopen jaren is de DNB schromelijk te kort geschoten in haar toezicht op de pensioenfondsen. Actuarissen (verzekeringsdeskundigen die beroepshalve risico’s doorrekenen en evalueren) zijn daar al jaren zeldzaam helder over in hun beoordelingen. Het is daarom onverantwoord om in de nieuwe pensioenwet de toezichthoudende taak opnieuw bij de DNB te leggen zonder dat een rechterlijke toets mogelijk is. Temeer daar ook de individuele deelnemers en gepensioneerden in de nieuwe wet worden uitgesloten van bezwaar.

DNB en AFM hebben de afgelopen periode bewezen, het in hun toezicht gestelde vertrouwen niet te hebben waar gemaakt. Enige garantie dat dit in de toekomst anders zal zijn, is er niet. Een toetsing door de onafhankelijke rechter van hun besluiten moet daarom mogelijk blijven. Vandaar de oproep van VPN: Eerste Kamer maak de rechterlijke toets mogelijk.


Koopkrachtig pensioen? Rekenfoutje! 

Jos Berkemeijer Chairman/member Supervisory Boards Achmea

Koopkrachttabel van regering blijkt onjuist. Pensioen in nieuw stelsel blijkt toch niet koopkrachtig  In de ‘nota naar aanleiding van het nader verslag wetsvoorstel toekomst pensioenen’ van 30 juni 2022 maakt de regering een versimpelde berekening van de koopkracht in het nieuw pensioenstelsel.


Strategie van FNV is aan verandering toe

Door: Sjarrel Massop

De discussie over de pensioenen is aanleiding geweest voor een hoop gedonder in de vakbeweging, speciaal in de sector senioren van de FNV. Gaandeweg kwam ik tot het inzicht dat dit een meer fundamentele achtergrond heeft. De vakbond is in een grote crisis terechtgekomen, die ze proberen organisatorisch op te lossen. Dit terwijl het een inhoudelijk probleem is. Die “op organisatie-verandering gerichte strategie” werkt dus niet en leidt juist tot verdieping van de crisis in plaats van het oplossen ervan. De aanpak van de leiding leidt tot een grote interne verdeeldheid binnen de bond.


WTP is een gedrocht

Een grote kop in de Telegraaf van 18 juni “ Met nieuw pensioen is een monster gecreëerd”. Bij de hoorzitting in de Tweede Kamer over de nieuwe pensioenwet hebben diverse deskundigen uit de pensioenwereld uitgelegd wat er allemaal aan mankeert. Het kernprobleem is dat de Wet Toekomst Pensioen (WTP) een compromis is tussen twee totaal verschillende visies op pensioen. Volgens de Nederlandse Bank en ex-minister Koolmees is pensioen vooral een financieel product, een soort spaarrekening. Zij hebben de WTP dan ook volgestopt met regels die elke vorm van herverdeling of solidariteit tussen de pensioendeelnemers moeten voorkomen. Voor de vakbonden was pensioen vooral een inkomensverzekering. En bij verzekeringen is herverdeling nu eenmaal het doel. Bij een ziektekosten verzekering gaat het geld van de gezonden naar de zieken en daar heeft niemand een probleem mee. En bij pensioen gaat het geld van diegenen die kort leven naar diegenen die lang leven.  Waar de hoofdtekst van de wet alles doet om herverdeling te verhinderen komt er daarna een solidariteitsreserve uit de hoge hoed om weer een herverdeling tussen generaties mogelijk te maken.

 


Persbericht 9 maart 2021

KBO-Brabant en Stichting PensioenBehoud in hoger beroep tegen uitspraak Rechtbank Den Haag

Woensdag 10 februari 2021 heeft de Rechtbank in Den Haag uitspraak gedaan in de bodemprocedure die Stichting PensioenBehoud en seniorenvereniging KBO-Brabant zijn gestart tegen de Nederlandse Staat. Vandaag besloten beide organisaties hoger beroep aan te tekenen tegen deze uitspraak.

Lees verder>>>


Pensioenpro.nl

Maarten van Wijk • PP NIEUWS

Adviescollege: ‘ernstige tekortkomingen’ in onderbouwing nieuwe pensioenwet

Het Wetsvoorstel toekomst pensioenen moet in de huidige vorm niet naar de Tweede Kamer, vindt het Adviescollege Toetsing Regeldruk (ATR). De doelen zijn te weinig concreet, alternatieven zijn niet uitgewerkt, de begrijpelijkheid schiet tekort en monitoring ontbreekt.
Lees verder>>>>

 

Pensioenfeiten.nl:

ER IS IN NEDERLAND VEEL TE VEEL GESPAARD VOOR HET AANVULLEND PENSIOEN

Het oude pensioenstelsel wordt in zijn geheel overboord gezet en vervangen door een volkomen nieuwe gedachte: de pensioenpremies worden op een persoonlijke pensioenrekening bijgeschreven.
Het binnengekomen geld wordt wel collectief belegd. De beleggingsresultaten worden overgeboekt naar de persoonlijke rekeningen van de deelnemers en de gepensioneerden, waarbij de mate waarin in de winst wordt gedeeld afhankelijk is van de leeftijd.

Lees verder>>>


Position paper “Red het pensioenstel” voor internet consultatie Wet toekomst pensioenen

10-02-2021
De reactie van het Actiecomité Red het Pensioenstelsel op het wetsvoorstel Wet toekomst pensioenen.
In de inleiding formuleren wij de grote lijn van onze bezwaren tegen het wetsvoorstel. Daarna gaan we in Hoofdstuk 1 in op verschillende elementen van het nieuwe stelsel.
In Hoofdstuk 2 maken we enkele opmerkingen over de transitie-periode.
In hoofdstuk 3 gaan we in op enkele teksten die bij dit wetsvoorstel horen: het Integraal Afwegingskader, de beoogde doelen voor de stelselherziening, de Memorie van Toelichting, de wettekst zelf en tot slot enkele volgens ons nog ontbrekende wetteksten en aanvullende aandachtspunten.

Lees hier het hele Position paper>>>


Commentaar pensioenwet

Door de Vereniging van Thales gepensioneerden (VVSPTN) januari 2021

Auteur E. Stolp, Werkgroep pensioenen van de VVSPTN

 

Inleiding
Op de website van het ministerie van SZW worden de volgende doelstellingen
genoemd voor het nieuwe pensioenstelsel:
1. Transparanter en persoonlijker pensioenstelsel
2. Een minder snel stijgende AOW-leeftijd
3. Betere pensioenafspraken voor mensen met zware beroepen
4. Extra keuze recht voor iedereen bij pensioen
5. Beter nabestaandenpensioen
6. Verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen.
Is nu dit wetsontwerp noodzakelijk om deze doelen te bereiken?
De AOW-leeftijd had ook in het bestaande pensioensysteem aangepast kunnen worden.
Vroegpensioen voor mensen met zware beroepen kan in de CAO worden geregeld net als de vroegere VUT-regelingen.
Een uitkering ineens had ook prima in de bestaande pensioenregelingen ingepast kunnen worden.
De huidige pensioenwet biedt voldoende mogelijkheden voor een goed nabestaandenpensioen.
Ook het voorgestelde systeem van risicodekking in plaats van kapitaaldekking tijdens de opbouwfase past goed in de huidige pensioenwet.
Een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen is geen ouderdomspensioen en had ook zonder wijziging van de pensioenwet ingevoerd kunnen worden.

Lees verder>>>


LIANE DEN HAAN: LIJSTTREKKER VAN DE VERKEERDE PARTIJ

 
Vandaag, 25 januari 2021, stond er een interview in De Volkskrant met Liane den Haan, de lijsttrekker van 50PLUS. De kop: “Ouderen willen hun pensioen niet omhoog ten koste van hun kinderen en kleinkinderen”. Wie is het daar niet mee eens? Maar als je doorleest kom je de volgende passage tegen:
“Stel dat je 20 procent van de pensioenpot aan indexatie kunt verdelen. Dan kun je zeggen: dat moet allemaal naar gepensioneerden. Maar je zou ook kunnen zeggen: dat moet evenredig verdeeld worden over gepensioneerden en werkenden”.

Lees verder>>>


KORTINGEN BIJ PENSIOENFONDSEN GROTENDEELS VAN DE BAAN

In het kader van het pensioenakkoord is afgesproken dat de kortingsregels voor pensioenfondsen worden versoepeld. Er wordt immers (uiterlijk 01-01-2026) overgestapt op een nieuw pensioenstelsel.
 
Voor het jaar 2020 had Minister Koolmees die kortingsregels al versoepeld. Ook voor 2021 heeft Minister Koolmees die versoepeling toegepast. Zie de brief van 16-12-2020.
 
Een belangrijke voorwaarde voor toepassing van die versoepeling is dat de dekkingsgraad van het pensioenfonds eind 2020 niet lager mag zijn dan 90%.

St. Pensioenbehoud: Hoe overheid en politiek met twee monden spreekt

14 december 2020
 
De zitting van de rechtbank met drie rechters die onze procedure tegen de Staat op 27 november behandelde, was zakelijk en werd goed geleid met een uitspraak op 10 februari 2021.De eisers in de procedure waren Stichting Pensioenbehoud en KBO-Brabant.
 
Het geschil met de Staat gaat erover dat de Staat beweert dat pensioenen ‘onvoorwaardelijk’ zijn en dus gegarandeerd. Daarop gebaseerd moeten pensioenfondsen volgens de huidige Pensioenwet extra grote vermogensbuffers aanhouden zoals voorgeschreven in de EU-pensioenwetgeving IORP. Sinds de nieuwe Pensioenwet in 2007 in werking is getreden, zijn in 2013 en 2014 echter massale kortingen toegepast op grond van artikel 134 Pensioenwet en is al die tijd indexatie achterwege gebleven.
 
Er is dus helemaal géén garantie zoals verzekeraars wel moeten geven. Want alle risico’s van het beheer van pensioengelden door het pensioenfonds zijn voor het collectief van deelnemers en gepensioneerden zoals de Hoge Raad in 2012 heeft vastgesteld. Theorie en praktijk zijn dus in tegenspraak met elkaar en daar gaat onze procedure over. Lees hier verder.